Het ontstaan van het Trekkermuseum
Al vanaf het begin bij de oprichting van de OTMMZ werd de wens geuit een deel van het materieel op een meer permanente wijze tentoon te stellen in een eigen museum.
Dankzij de inzet van de gemeente Borsele en een subsidie in het kader van Waardevol Cultuur Landschap kreeg men eind 1996 de beschikking over een loods met omliggend terrein.
Reeds in de zomer van 1997 konden de deuren van het trekkermuseum worden geopend voor het publiek.
Doelstelling Museum.
Het museum heeft tot doel een deelaspect van de landbouwhistorie te belichten, en wel de opkomst van de motorisatie. Daar waar de mechanisatie (dus de ontwikkeling van de werktuigen) omstreeks 1850 een aanvang neemt, komt de motorisatie (dus vervanger van het paard als trekkracht) in Nederland aarzelend op gang rond 1913, juist voor het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog. Na deze oorlog beginnen de eerste trekkers het land binnen te komen, een ontwikkeling die gestaag doorgaat tot het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog.
Vanaf 1946 neemt de motorisatie, mede dankzij de uit Amerika afkomstige Marshallhulp, op de Nederlandse landbouwbedrijven een grote vlucht, en in 1964 wordt het moment bereikt dat er evenveel trekkers als paarden in gebruik zijn. Daarna gaat het snel, en een aantal jaren later is het paard vrijwel geheel verdwenen. Sinds dat moment is de trekker op het Nederlandse boerenbedrijf niet meer weg te denken
Uitbreiding.

Al gauw bleek het museum door groei van het ledental en de belangstelling, te klein. Daarom ontstonden er in 2005 plannen om het museum uit te breiden.
Met behulp van de gemeente Borsele, de provincie Zeeland, die voor een Europese subsidie zorgde, ANWB, Delta, ZLTO, Rabobank en de verkoop van pandbrieven onder de leden kon een begin worden gemaakt met de uitvoering.
Vele vrijwilligers werken gedurende de winter maanden op het terrein om alles klaar te maken voor de bouw. Nadat er een U-vormig gebouw rond het oude museum is gemaakt, ontstaat vier keer zoveel ruimte.
In 2006 kon het museum opnieuw zijn deuren openen.
Nu beschikken wij niet alleen over een grotere tentoonstellings oppervlakte, maar hebben we eindelijk een gebouw waar we onze bijeenkomsten kunnen houden.

Omdat het omliggende terrein nog niet klaar was in 2006 werd in het voorjaar van 2007 het vernieuwde museum officieel geopend door gedeputeerde van Zeeland dhr. van Waveren, door middel van het steken van een ring op een trekker.

Wat is er te zien.
Uit de periode van voor 1960 is een deels vaste en een jaarlijks wisselende collectie fraai gerestaureerde trekkers en stationaire motoren te zien, alsmede de technische informatie hierover.
Aan de hand van foto's, waar mogelijk met een Zeeuwse inslag, en ander historisch materiaal wordt een beeld geschetst van de ontwikkeling die de motorisatie doorgemaakt heeft.
De periode na 1960 valt (strikt genomen) buiten het gebied van de 'oldtimer', maar wordt zijdeling belicht om een completer beeld te geven.
Naast bovenstaande is in het museum een collectie miniaturen aanwezig. In andere vitrines zijn ook tijdschriften, boeken en folders te bezichtigen. Ook worden videopresentaties verzorgd en zijn foto's te zien waarop de trekkers en het verdere materieel van de club aan het werk zijn.

Aan de wanden hangen allerlei foto's, reclame materiaal en een aantal schilderijen van Sjaak Oosterling.

Het museum beschikt daarnaast over een winkeltje waar aardige souvenirs te verkrijgen zijn.

Uiteraard bestaat ook de mogelijkheid een kopje koffie of een glaasje fris te drinken, binnen of in de tuin op het terras, midden in het Waardevol Cultuur Landschap.

Bij het museum is (gratis) parkeergelegenheid, het museum maakt daarnaast ook deel uit van de Boerenland fietsroute. Er zijn tevens voorzieningen voor gehandicapten.

Nieuwe plannen

In 2009 is door de Kon. Wilhelminapolder een machineloods aan het museum geschonken. Deze zal als vervanging van de huidige opslag dienen. De opslag capaciteit voor eigen objecten en middelen wordt hiermee vergroot. De loods zal aan de zijkant van het bestaande gebouw worden geplaatst. Hierdoor wordt het mogelijk restauratie projecten te tonen aan de bezoekers.

De Stoomtrein Goes Borsele gaat vanaf 20 juni 2010 haar dienstregeling uitbreiden. De lijn met zogenaamde motorwagens wordt voorzien van een aantal nieuwe stopplaatsen. Tussen de overweg en het museum wordt een nieuw station geplaatst.

Vanaf 2010 wordt het trekkermuseum de startplaats voor een nieuwe wandelroute die onder andere voert naar de Hoeve van der Meulen. Deze hoeve is door de Stichting het Zeeuwselandschap geheel in oude luister hersteld en te bezichtigen.

Door deze ontwikkelingen en door samenwerking tussen deze partijen wordt het voor de toerist aantrekkelijk een bezoek te brengen aan alle attracties in de Zak van Zuid Beveland.

Een museum draait niet zonder vrijwilligers. Wilt u helpen in het museum, met de verkoop of andere zaken?
Neem dan contact op met Anita de Schipper, telefoon 0113-343720 of mail naar: anilko@zeelandnet.nl

Kijk voor de openingstijden onder de knop contact.
 
Enkele items uit de wisselende collectie 2010 Thema 2010 Hanomag  
Enkele items uit de wisselende collectie 2009 Thema 2009 Bolinder Muntell Nieuwsbrief 2009
Enkele items uit de wisselende collectie 2008 Thema 2008 Allis Chalmers Nieuwsbrief 2008
Enkele objecten uit de vaste collectie Een bijzondere gast "cockshutt" Een bijzondere trekker
     
Tot ziens in het trekkermuseum.